While the Queen  visits Maassluis on the 19th of September 1924 , the doors of the Synagogue were opened and the lamps in the building were lighted. 

Mozes van Gelderen speaks to Queen Wilhelmina during her visit to Maassluis:

Majesteit,

Als oudste lid van deze kleine Israëlietische gemeente valt mij de hooge eer te beurt Uwe Majesteit op dezen voor ons zoo gewichtigen dag te mogen begroeten. Te mogen begroeten nabij de plek, waar op gezette tijden een gebed opwaarts wordt gezonden voor het welzijn van Uwe Majesteit en Uw Koninklijk Huis.

Wij Smeeken steeds de Algoede, dat Hij Uwe Majesteit een lang leven schenke, opdat U over Uw volk, waartoe ook wij behooren, tot in lengte van dagen zult blijven regeeren met diezelfde liefde, zooals steeds door Uwe Majesteit en Uw roemrijk voorgeslacht is geschied.

Laat mij eindigen met Uwe Majesteit den zegen toe te voegen, dien de Hoogepriester over zijn volk uitsprak:

God zegene U en behoede U. Amen.

The Queen answers: 

Mijnheer,

Ik dank U voor Uw schoone woorden, zij hebben mij zeer getroffen. Ik ben er zeer erkentelijk voor en stel het op hoogen prijs.

From: S. Blom, Geschiedenis van Maassuis. Ontstaan en ontwikkeling der stad. Utrecht 1948

collection: Eva Kesselman-Drukker, Lakewood (V.S.)

Ga terug